Zelfs de wind kan de muizenissen in haar hoofd niet verdrijven

Ze loopt op het strand, haar meest favoriete plek. Vlakbij de waterlijn. De golven naderen haar met een oorverdovend gebrul. Ze ziet de grote witte schuimkoppen. Het zand voelt rul onder haar voeten, ze komt moeizaam vooruit. Ze houdt ervan om lekker op te schieten op het harde zand, maar de vloed heeft dit weggevaagd. De wind laat haar haren geen moment met rust.

Geen glans
Het lukt haar niet om zich lekker te voelen. Om de een of andere reden mist haar wandeling langs zee haar glans. Raakt het haar niet zoals anders. Zelfs de wind kan de muizenissen in haar hoofd niet verdrijven. Met gebogen hoofd loopt ze verder en vraagt zichzelf af wat ze hier in vredesnaam doet. Waarom is ze hier helemaal naar toegereden? Ze moet werken en nu loopt ze hier en het helpt haar helemaal niet.

Ze blijft staan en kijkt naar de golven. Voelt de spetters op haar gezicht. Net als de wind. Ze ademt diep in en uit en zegt tegen zichzelf: ‘Ik ben dankbaar dat ik hier ben.’ Ze voelt het dan wel niet, maar weet vanuit haar hart en buik dat ze dit wil zeggen. Ze gaat verder en zegt: ‘Ik ben dankbaar dat ik een auto heb om hier naar toe te rijden’ en ‘Ik ben dankbaar dat ik hier zomaar doordeweeks kan wandelen.’ 

Heel bewust
Ze merkt dat ze zich beter gaat voelen doordat ze deze dingen denkt. Heel bewust roept ze nog meer dankbaarheid op. ‘Ik ben dankbaar voor de wind. Ik ben dankbaar voor de zee.’ Langzaam komt er een glimlach op haar gezicht. ‘Ik ben dankbaar voor mijn benen die kunnen lopen. Ik ben dankbaar dat ik kan zien. Ik ben dankbaar dat ik kan horen. Ik ben dankbaar dat ik kan voelen.’ Een warm gevoel verspreidt zich vanuit haar buik.

‘Ik ben dankbaar voor het zand onder mijn voeten. Ik ben dankbaar dat we strand hebben in Nederland. Ik ben dankbaar dat ik er niet ver vandaan woon.’ Ze heeft nu een grote lach op haar gezicht. ‘Wat voelt dankbaar zijn goed.’ Ze loopt stevig door, het mulle zand kan haar niet meer deren. Ze voelt zich goed en energiek. 

Ze strekt haar armen en voelt zich blij. Ze lacht. Ze draait rondjes met de wind en trapt bijna op een kwal. ‘Ik ben zelfs dankbaar voor kwallen’ roept ze lachend tegen de zee. Met een grote glimlach zit ze in haar favoriete strandtent achter een kop cappuccino met een slagroomborrel ernaast. Ze geniet. ‘Ik ben dankbaar dat ik leef!’

Instant geluk
Het lijkt zo simpel om te doen, dankbaar zijn, maar het werkt. Het is een instant geluksbrenger. Het geeft je een goed gevoel. Soms denk je dat er niets meer is om dankbaar voor te zijn. Ik begrijp dat gevoel helemaal. Maar weet dat een dag nooit alleen maar ellendig is, er zijn altijd lichtpuntjes. Ook als je een narcist in je leven hebt die heel erg dwarsligt. Er is altijd iets om dankbaar voor te zijn. Hoe klein ook. Probeer het maar eens. Voel wat het met je doet. Waar ben jij dankbaar voor?

2 thoughts on “Zelfs de wind kan de muizenissen in haar hoofd niet verdrijven”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: