‘Verdriet verwaarlozen is zoiets als een wild dier opsluiten in een veel te kleine kooi’

Je bent 19 jaar en je vader gaat dood. Hartstilstand. Je weet niet goed hoe je dat doet, verder leven zonder vader. En dan, 4 jaar later overlijdt je moeder ook. Aan een hartstilstand. Je bent dus op je 23e wees. Zo niet passend bij je levensfase. Natuurlijk ben je oud genoeg om veel zaken zelfstandig te kunnen regelen. Maar je vanzelfsprekende en liefhebbende vangnet ben je voorgoed kwijt. Dit is het verhaal van Gijs van der Sanden. Hij schreef er het boek over ‘De dingen die je vergeet’. De ondertitel – ‘Rouwen voor beginners’ – moet je lezen met een knipoog. Rouwen kun je immers niet leren, je wordt er niet beter in naarmate je het vaker doet en er is geen concreet eindresultaat.

We gaan het gesprek over dood liever uit de weg
Van der Sanden is journalist en dat merk je in het boek. Hij vertelt zijn eigen verhaal en onderzoekt daarnaast verschillende bronnen over rouw. Hij citeert bekende en minder bekende boeken over rouw. Maar voordat het te abstract en te rationeel wordt, sleurt hij je weer mee zijn eigen leven in. Met soms pijnlijke details en hele herkenbare situaties. Over het ongemak waarmee mensen vaak met nabestaanden omgaan. Het gesprek over de dood uit de weg gaan, clichés gebruiken of gemaakt positief doen. Het standaard antwoord op de vraag ‘gaat het weer een beetje?’ werd: ‘ja hoor, ik red me wel!’ Terwijl hij soms had willen zeggen: ‘nou, luister, het gaat fucking slecht met me, maar lief dat je het vraagt!’

Gewoon doorgaan met leven
Van der Sanden beschrijft hoe hij in de eerste jaren na de dood van zijn ouders het verdriet niet kon negeren. Hoe het in de loop van de tijd veel makkelijker werd om het weg te duwen, niet te voelen, geen blik waardig te gunnen. Het beste was om gewoon door te gaan met leven alsof er niets gebeurd was. In die gedachtenmodus heeft hij ook een enorme hekel aan mensen die zwelgen in zelfmedelijden en zich te kort gedaan voelen door het leven. ‘Máák er wat van, mens, dacht ik dan.’

Uitgestelde rouw
In 2019 begint Gijs aan therapie vanwege een dertigerscrisis, zoals hij zelf denkt. Het blijkt te gaan om een lichte depressie. De psycholoog vraagt hem met wie hij praat over de dood van zijn ouders en Gijs komt tot de conclusie dat hij dat met niemand doet. De journalist die stukken schrijft over rouw en het maatschappelijk ongemak daarover maakt niemand deelgenoot van zijn eigen gemis. Tijdens de therapie ontdekt Gijs dat het vangen van zijn emoties in taal iets anders is dan ze daadwerkelijk voelen. ‘Emoties willen niet beschreven, maar vooral gevoeld worden.’

Een begin
Het einde van het boek is wat mij betreft teer en krachtig tegelijk. Omdat Gijs van der Sanden zo loepzuiver beschrijft dat verlies niet automatisch leidt tot transformatie of groei. Naar buiten treden met iets waarvoor je je schaamt (het verlies van je ouders) is niet het einde van het verhaal. Het is pas het begin. ‘Zelf ben ik het verdriet gaan zien als iets levends. Ik moet het helemaal geen plekje geven, het moet juist kunnen ademen en bewegen. Verdriet verwaarlozen is zoiets als een wild dier opsluiten in een veel te kleine kooi. Na verloop van tijd begint het te grommen en tegen de spijlen op te springen, net zo lang tot het razend een weg naar buiten vindt.’

Gijs van der Sanden
De dingen die je vergeet
Rouwen voor beginners
ISBN 978 90 263 4305 6
Ambo | Anthos
Te bestellen via: Ambo|Anthos Uitgevers | De dingen die je vergeet

0 thoughts on “‘Verdriet verwaarlozen is zoiets als een wild dier opsluiten in een veel te kleine kooi’”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: