‘Wat doe jij over 10 jaar?’ is een van de vragen die mijn studenten moeten invullen in hun portfolio. Toen iemand aangaf geen idee te hebben over wat ze over 10 jaar doet, moest ik weer even aan mijzelf terugdenken. Ik roep de laatste 20 jaar namelijk dat ik geen flauw idee heb wat ik over 10 jaar doe. En oprecht weet ik dat ook niet. Ik ben heel benieuwd wat ik over 10 jaar doe en ik had nooit kunnen bedenken dat ik als docent zou gaan werken. Als je mij dat 30 jaar geleden had verteld dan had ik je waarschijnlijk verbijsterd aangekeken, want als kind vond ik school helemaal niet leuk. Wat ik toen dacht was: hoe zorg ik ervoor dat ik hier zo snel mogelijk wegkom en nooit meer terug hoef te komen?
Het mbo ging haar best wel makkelijk af
Al pratende met mijn student vertelt ze mij dat ze eigenlijk al best wel een carrière achter de rug heeft. Ze volgde na de basisschool een kaderopleiding en van daaruit is ze naar het mbo gegaan. Het mbo ging haar best wel makkelijk af, omdat ze daar eerst heel veel praktijkstage/-ervaring opdeed en daarna de theorie kregen. Ze kon dan makkelijk de praktijk koppelen aan de theorie en zo de opgedane ervaring omzetten in kennis.
Teleurgesteld in de ambities van de collega’s
Na het mbo ging ze een jaar werken, wat ze aan de ene kant heel leuk vond, maar ze was aan de andere kant ook teleurgesteld in de ambities van de collega’s die ze daar tegenkwam. Velen vonden het werk wat ze deden voor de dieren prima en ze hadden niet echt de ambitie om, in dit geval, het leven van de dieren waar ze mee werken te verbeteren. Terwijl dat precies de interne drijfveer van mijn student is: hoe kan ik het leven van gehouden dieren verbeteren?
Ze was zoekende
Daarom besloot ze toch terug te gaan naar school en zo kwam ze bij mij op het hbo terecht. Helaas was voor haar de eerste periode niet heel erg inspirerend en leerzaam. Ze kreeg weinig praktijkervaring in het werkveld, ze moest toch veel leren uit boeken en de praktijkopdrachten kwamen niet verder dan een casus. Maar ze was niet teleurgesteld, want dit was wel wat ze wilde; ze was alleen zoekende hoe zij daarin haar weg ging vinden en daar sloeg ook de onrust en de paniek toe. Een oude pijn dat ze misschien wel te dom was om dit te kunnen.
Ze wist niet wat er van haar verwacht werd op het tentamen
Maar nu ze mij vertelt wat ze allemaal al aan kennis in huis heeft over specifieke onderwerpen die behandeld zijn, kan ik haar al snel duidelijk maken dat ze zeker niet dom is. Het maakt mij wel nieuwsgierig waarom ze met zo veel kennis de eerste periode zo lastig vond en waarom ze in de onrust in paniek raakte voor het tentamen. Hierop antwoordt ze dat ze het vooral lastig vond dat ze niet goed wist wat er van haar verwacht werd op het tentamen. En niet zozeer qua kennis, maar wat de docent uiteindelijk wilde dat zij op het tentamen ging opschrijven. Gebruikte ze wel de goede woorden, de juiste context en de juiste elementen of bekeek zij het vanuit de verkeerde hoek?
Ze was echt heel hard bezig om te (onder)zoeken naar wat wil die ander, in dit geval de docent. Ze wilde het van mij horen en werd er heel onrustig en gestrest van, in plaats van dat ze bij zichzelf blijft en met haar kennis op zoek gaat naar antwoorden.
Studenten mogen leren
Al pratende komt ze uiteindelijk zelf tot de conclusie dat ze eigenlijk al heel veel had geleerd in de afgelopen jaren over allerlei belangrijke dingen, maar dat ze het nooit als leren heeft gezien, omdat ze eigenlijk leren nog steeds ziet als het produceren van dat wat de docent wil horen. Dat maakt mij dan wel weer heel verdrietig en tegelijk ook heel blij. Dit is namelijk precies waarom ik het onderwijs in ben gegaan; dat studenten mogen leren in plaats van produceren wat de docent wil horen.





