Hoe je kunt tijdreizen met taal

Afgelopen april leefde ik vijf weken in Málaga. Niet alleen omdat het een heerlijke, lichte, interessante, fijne en mooie Spaanse stad is, maar ook omdat ik beter Spaans wilde leren. Ik besefte me ineens dat ik het nog niet zo goed kan.

Als kind had ik al een beetje Spaans geleerd en ik redde me best prima in hakkelend Spaans. En toch wilde ik er meer van. Nog makkelijker verbinden en kletsen met de Spanjaarden en nog beter deze heerlijke taal leren. Dat was mijn doel voordat ik begin april in Málaga aankwam. 

Tot dusver nog niets aan de hand, zou je denken. 
Na een paar dagen Spaanse les op het taleninstituut kwam ik er al snel achter dat ik de finesse van de taal nog niet zo goed onder de knie had. Oeps… ik werd me ineens bewust dat ik nog helemaal niet zo heel goed Spaans sprak. 

Ik kom wel wel aan mijn ‘taal-trekken’
Ik houd ontzettend van de kracht van taal. Toen ik drie jaar in Frankrijk woonde en studeerde sprak en schreef ik vloeiend Frans, het Engels gaat me prima af en in het Nederlands kom ik enorm aan mijn ‘taal-trekken’. Ik houd van praten, delen, schrijven, verbinden en vertellen. 

De kracht van taal is enorm
Ook in mijn werk als trainer en coach werk ik veel met taal. Ik ben gespecialiseerd in de NLP methodiek (Neuro Linguisitisch Programmeren) waarin veel aandacht is voor de linguïstiek. 
Oftewel, de taal, letterlijk de woorden die we spreken, heeft enorm veel invloed. Op je gesprekspartner en op jezelf. Het gaat dus niet alleen om dat wat je tegen een ander zegt of schrijft, maar ook over hoe jij tegen jezelf praat in gedachten. 

14 Tijden!
Maar wat heeft dit nu met Spanje en tijdreizen te maken, zul je wellicht denken. Door alle grammatica- en conversatielessen kwam ik erachter dat de Spaanse taal wel 14 tijden kent waarop werkwoorden vervoegd kunnen worden! En ze worden allemaal nog gebruikt ook! Je snapt wellicht dat ik me bewust werd dat ik nog niet zo goed Spaans sprak en dat ik de finesse van de taal nog niet kon beleven.

Vooronderstelling van tijd
Binnen NLP wordt er veel gewerkt met de kracht van taal, bijvoorbeeld door het toepassen van verruimende taalpatronen, abstractieniveaus en vooronderstellingen van taal. Eén van de belangrijke vooronderstellingen van taal is de factor tijd. Doordat we verschillende werkwoordsvervoegingen gebruiken, krijgen we informatie over de tijd waarin iets afspeelt. 

Werkwoordsvervoegingen
Ik liep, ik heb gelopen, ik loop, ik had gelopen, ik ga lopen, enz. 
Het staat er niet expliciet, maar door het gebruik van verschillende werkwoordsvervoegingen vooronderstel je dat er zoiets is als ‘tijd’. De in de vervoegingen opgenomen vooronderstelling van tijd maakt dat het duidelijk is of iets in het verleden, het heden of in de toekost plaatsvindt. Tot zover nog steeds niets aan de hand, toch?

Hoe een kleine reis in de tijd je problemen kan veranderen
In het Nederlands en in mijn werk gebruik ik dagelijks de vooronderstellingen van tijd. Want weet jij dat je jouw frustraties, angsten, zorgen of problemen kunt verkleinen en zelfs nieuwe oplossingen en mogelijkheden kunt vinden, alleen door te spelen met de werkwoordsvervoegingen? 

Een interessant experiment voor jou
Nieuwsgierig? Doe je dan mee met een interessant experiment? 
Denk eens aan een klein en actueel probleem, uitdaging of frustratie die je op dit moment in je leven hebt. Pak iets kleins om dit experiment te doen, dus iets waarop je lichte frustratie, boosheid of angst voelt, omdat de situatie nog niet helemaal is zoals je het graag zou zien. 

Lees dan vervolgens de onderstaande zinnen (hardop) en na elke zin sluit je even heel kort je ogen, herhaal je in gedachten letterlijk de vraag om hem vervolgens van binnen te beantwoorden. Elke vraag gaat telkens over hetzelfde probleem, alleen is de vraag net iets anders. (Het is overigens nog effectiever als iemand anders de vragen voor je opleest terwijl jij je ogen de hele tijd gesloten houdt).

  • Denk eens aan dit probleem dat je hebt… (10 seconden rust)
  • Denk aan dit probleem dat er is… (10 seconden rust)
  • Denk aan dit probleem dat er was… (10 seconden rust)
  • Denk aan dit probleem dat je had… (10 seconden rust)
  • Denk aan dit probleem dat je hebt gehad… (10 seconden rust)
  • Denk aan dit probleem dat er was geweest… (10 seconden rust)
  • Denk aan alle hulpbronnen en mogelijkheden die je had om hiermee om te gaan… (10 seconden rust)
  • Denk aan alle hulpbronnen en mogelijkheden die er zijn geweest… (10 seconden rust)
  • Denk aan alle hulpbronnen en mogelijkheden die er zijn… (10 seconden rust)
  • Denk aan alle hulpbronnen en mogelijkheden die je hebt… (10 seconden rust)
  • Denk aan alle hulpbronnen en mogelijkheden die er in de toekomst zullen zijn… (10 seconden rust)
  • Denk aan alle hulpbronnen en mogelijkheden die je hebt, nu… en die er in de toekomst altijd zullen zijn… (10 seconden rust)

Wat is er gebeurd? Wat heb je ervaren? Wat voelde je toen de vooronderstelling van tijd bij elke vraag veranderde? Het kan niet anders dan dat er iets in je perceptie is veranderd. Het probleem hoeft uiteraard niet weg te zijn, maar hoe je erover denkt en hoe je het ervaart of voelt, en welke mogelijkheden je ervaart, is hoogst waarschijnlijk veranderd.

Door met tijdreizen
Ik ga nog eventjes door met mijn Spaanse lessen, zodat ik ook in Spanje kan tijdreizen met taal. En jij, wil jij ook meer tijdreizen? Ik nodig je uit om eens heerlijk te experimenteren met tijd, het kan een enorm effect hebben. Op jezelf en de ander.

Ik wens je mooie tijdreisjes toe, dan ga ik nog even wat Spaanse werkwoorden leren. 

2 thoughts on “Hoe je kunt tijdreizen met taal”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *