De zon warmt mijn wangen terwijl ik mijn fiets tegen de muur zet. Mijn arm is slap, een pleister op de andere. Nuchter van het bloedprikken, een beetje wiebelig. Ik zou naar huis kunnen gaan, mijn agenda openen, dingen doen. Maar iets in mij zegt: nee. Ik wil cappuccino. In de zon. Alleen zitten. Zomaar.
Mijn lijf is moe, trager dan anders. De dengue heeft me uit mijn ritme geslagen. Niet heftig, maar beslist. Het is alsof alles in mij zachter is gezet. Toch fiets ik. Toch kies ik. Niet groots, maar bewust.
Gewoon een gevoel dat opkomt
Op het plein zie ik hoe ze een podium opbouwen. Voor 5 mei. Voor Vrijheidsdag. Kabels, doeken, mensen in stilte aan het werk. Alles wordt opgebouwd met aandacht. Groot, maar voorzichtig. Ik parkeer mijn fiets, zoek een stoel in de zon, bestel mijn cappuccino. De warmte van het kopje in mijn handen voelt troostend. De eerste slok schuim is zacht, romig. En terwijl ik daar zit, met mijn gezicht in het licht, gebeurt er iets. Geen groots inzicht, geen stem van boven. Gewoon een gevoel dat opkomt. Echt. Stil. Vrijheid.
Ik ben vrij
Dan hoor ik ineens die ene vraag, niet hardop, maar van binnen. “Anne-Lies… hoe is het eigenlijk met je?” En ik weet: dit is mijn antwoord. Geen woorden, maar dit moment.
– Mijn lijf dat niet meewerkt, maar wél meedoet.
– Mijn hoofd dat traag denkt, maar helder voelt.
– Mijn dag die klein is, maar precies goed.
En precies daar, in die zachtheid, voel ik het: ik ben vrij. Niet omdat alles goed gaat. Maar omdat ik niet meer vecht met wat er is. Omdat ik mag voelen, kiezen, denken wat ik wil.
Gedachten als tralies
We zijn vrij, maar zetten onszelf zo vaak vast in ons hoofd. Gedachten als tralies. Verwachtingen als sloten op de deur. Tot je besluit dat jij zelf de sleutel draagt. Je hebben het voorecht te wonen in een land waar je de mogelijkheid hebt dat vrijheid voor het oprapen ligt. Als je kiest het te zien.
Ik adem
Vrijheid zit vandaag in schuim op mijn lip, in een fietsrit die nergens heen hoeft, in een keuze die niemand ziet behalve ik. Ik hoef niks te maken van deze ochtend. Ik hoef mezelf nergens te brengen. Ik ben er al. Ik adem. Ik zit. Ik kies mij.
Donkergroen
Donkergroen was de kleur die me dit eerder liet zien. Die diepe, stille tint die me influisterde: ‘je mag stoppen met vechten. Je bent al waar je moet zijn.’ Lees hier het verhaal over die dag dat alles stilviel – en ik donkergroen werd.






