Tijgeren door oma’s huis

Het is al licht wanneer ik wakker word. Papa haalt mij uit bed, ik lach hem direct toe. Hij lacht terug, vertelt mij dat we naar beneden gaan, zodat mama nog even kan slapen. Ik ben in het autostoeltje in slaap gevallen. Als ik om mij heen kijk, zie ik dat ik ergens anders ben. Papa ziet mij kijken en vraagt of ik weet waar ik ben. We gaan door een deur, hij praat nog steeds heel zachtjes. Dan zie ik haar, mijn omi, ze ligt in haar grote bed.

Ik pak het speentje uit mijn mond en roep haar op mijn manier, zoiets als ’dadada, jajaja.’  Ze draait zich om, haar ogen gaan open en ze noemt mij schatje. Ik moet erom lachen. Of het goed is dat ik bij haar kom liggen, het is nogal vroeg, half 6. Dat mag altijd.

Oma kent veel versjes
Ik strek mijn armpjes naar haar uit en lach. Oma pakt mij over, ik krijg een dikke knuffel. Papa is ineens weg. Ik hoor zachtjes zingen, oma kent heel veel versjes; over een kabouter, een treintje, kikkertjes en vogeltjes. Ik weet niet precies waar ze allemaal over gaan, maar het geeft mij een heel fijn gevoel. Nog even mijn speentje, ik luister en kijk naar haar mond die beweegt bij het zingen. Dan heb ik er wel genoeg van. Ik rol op mijn zij en kruip over het bed. Oma houdt mij tegen, omdat ik er anders af val, zegt ze. Ze stapt uit bed en tilt mij op.

Ik tijger daar naar toe
Eenmaal beneden zet ze mij op mijn billen, ik ben inmiddels al flink gegroeid en veel sterker. Oma legt het speelkleed op de grond, dat is zachter voor mijn knietjes. Ze pakt een grote bak, ik weet wat daar in zit:  de blokken. Houten blokken heeft ze mij verteld, die heeft de opa van mijn papa nog gezaagd en geschaafd. Dit was ver voordat papa is geboren. Er zijn heel veel verschillende blokken, grote en kleine, lange en platte, die moeten onderop dan valt de toren niet om. Dit spelletje is zo leuk. Oma stapelt de blokken op elkaar, een torentje noemt ze dat. Ik tijger daarnaartoe, ja dat kan ik en heel snel ook. Een zwaai met mijn arm, dan is de toren weg, dat maakt een hard geluid. Geweldig vind ik dat. Als ik omkijk, zie ik dat oma ook lacht, en er staan nog veel meer torentjes klaar. 

Het is het boekje van Nijntje
Als ik in mijn oogjes wrijf, pakt oma mij op en zet mij op haar schoot. Ze pakt een boekje, ik had er al één toen ik heel klein was. Toen van stof, nu van hard spul, papier noemt mama dat. Als het opengaat vertelt oma wat erin staat en wijst van alles aan met haar vinger. Het is het boekje van Nijntje die bij haar papa en mama Pluis komt wonen, net als ik. Dan brengt ze mij naar boven, zingt mijn vertrouwde slaapliedje van in de maneschijn en iets met een laddertje, mijn speentje in en dan zakken mijn oogjes dicht. Ik droom over de blokkentorentjes en Nijntje Pluis.

Boterhammetje met zelfgemaakt bramenjam 
Tijd om te eten, een boterhammetje met zelfgemaakt bramenjam door mijn omi natuurlijk. Ik laat haar zien hoe lekker ik het vind. Maar ook dat ik het weer uit mijn mond kan halen. En als ik genoeg heb, laat ik het naast de stoel vallen. Ze geeft mij thee uit een bekertje. Let op oma, ik kan het ook uitspugen, gewoon voor de lol. Ze probeert haar gezicht in de plooi te houden, maar ik zie de lach in haar ogen. Ze is trots op mij, ik ben intussen negen maanden oud en dan moet je wel laten zien wat je allemaal kunt. 

Oma en ik gaan op avontuur 
Papa en mama moeten nog wat werken, dus oma en ik gaan op avontuur. Oma houdt erg van wandelen en helemaal met mij in de wagen. Ze praat over wat ze ziet: een poes, eendjes of andere kindjes. We gaan boodschappen doen en dan door het park terug. Ergens onderweg ben ik in slaap gevallen denk ik. Als ik mijn oogjes weer open doe, sta ik in haar tuin. 

Tot morgen
Papa en mama worden ook verwend; oma kookt altijd lekkere dingen. Na het eten brengt mijn omi mij naar bed. Het slaapritueel, tandjes poetsen, vitamines en een hele dikke knuffel. Ze wens mij ‘slaap lekker’ en ’tot morgen’. Lieverdje noemt ze mij. Morgen? Dat betekent dat we nog blijven. Dat vind ik fijn en mijn omi ook. 

Over de auteur:

Foto van Christa Vermeer

Christa Vermeer

Psychosociaal therapeut, systemisch coach

Ik reis met je mee als je leven in brokstukken uit elkaar ligt en je de moed hebt deze op te pakken, te doorvoelen en ze aan elkaar te lijmen met goud. Daarmee jezelf te helen om je reis van het leven voort te zetten, sterker en mooier tevoorschijn te komen. De littekens hoeven niet weg,  juist daardoor komt het licht naar binnen.

www.christavermeer.nl

Al haar blogs

4 reacties

    1. Ja Willy, absoluut en dat doe ik met volle teugen. Ik rijd met liefde 300 km om bij hem te zijn.👶🏼❤️🍀

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Wekelijkse nieuwsbrief

Schrijf je hier in om wekelijks de nieuwste blogs te ontvangen.