Wanneer de grens tussen leraar en leerling wordt overschreden

Hij is jong en bevlogen. Zijn ogen kijken je open aan, blij en vol passie. Een jongen met een brede glimlach, rommelig nonchalant. Met haar alsof hij zo uit bed is gestapt met een vleugje van een beach look. En toch weet je dat in zijn nonchalante look best wat aandacht zit verstopt. Een knappe jongen. Gijs is leergierig, hongerig en je kan zo aan hem zien dat hij het allemaal ontzettend goed wil doen. Perfectionistisch, hoge eisen stelt hij zichzelf. 

Gijs is een tikkeltje verlegen en onzeker. Lastige combi wanneer je een beginnend leraar bent op een school met jongeren die toch echt in de fase zitten dat zij zich ontwikkelen door zich af te zetten tegen de volwassenen om hen heen. Dus ook de leraar. Grenzen opzoeken, verkennen en overschrijden, want dat zijn of worden jouw kaders als pubers… Tenminste wanneer ze gegeven worden. 

Ik geef hem de tijd die hij nodig lijkt te hebben
Een aantal nieuwe mentoren volgt een training bij mij over het mentoraat. Gijs is één van die leraren. Ik vraag mij af hoe het voor hem is op deze school, waar vele uitdagingen liggen.   
“Hoe gaat het in de klas?” 
“Gaat wel goed” 
We praten nog even door over het contact leggen met de leerlingen. Hoe te signaleren wanneer het niet goed gaat met een jongere en vooral wat te doen met de signalen die je oppikt van een leerling. “Zijn er misschien momenten die je volgende keer wilt oefenen, met de trainingsacteur die dan aanschuift?” Hij denkt diep na. Van een afstandje observeer ik hoe hij in gedachte situaties afweegt. Zijn lippen spreken nog net niet zijn afwegingen uit. Ik geef hem zijn tijd die hij nodig lijkt te hebben. 

Niets is gek of raar
Zijn afwegingen veranderen in grote twijfel. Zijn wangen kleuren rood. “Misschien is het toch goed om je gedachten of afwegingen hardop uit te spreken. Misschien dat dat het duidelijker voor je maakt… en niets is gek of raar” probeer ik hem te stimuleren om vooral zijn verhaal te doen dat hem zo zichtbaar aan het wankelen brengt. 

“Het ligt wel heel gevoelig”
Hij kijk mij even doordringend aan. “Nou, misschien is er iets waar ik hulp bij nodig heb. Ik weet gewoon niet zo goed hoe ik dit het beste kan oppakken.”
“Kan je er iets meer over vertellen?” nodig ik hem uit. 
“Het ligt wel heel gevoelig… en ik wil dan ook geen verkeerd beeld neerzetten. Of gewoon… ik weet het allemaal niet” zegt hij terwijl hij onzeker naar beneden kijkt. 
“Begin maar de situatie te vertellen, dan kunnen we samen kijken wat er nodig is om jou hierin te steunen of het op te lossen.” 

 “Het gaat om een meisje…”
Gijs neemt een diepe hap adem en op zijn uitademing begint hij te vertellen.
“Het gaat om een meisje…” zijn ogen kijken mij onzeker aan, duidelijk in afwachting hoe ik op deze beginwoorden ga reageren. Ik kan het niet ontkennen dat zijn woorden binnenkomen en er van alles getriggerd wordt. Ik hoop van harte dat mijn oncontroleerbare alarmbellen niet zichtbaar zijn vanaf de buitenkant. Het is belangrijk dat hij zijn verhaal kan doen… en wat weet ik nou? Alleen maar dat er een meisje is, maar in combinatie met zijn blos op zijn wangen vrees ik onbedoeld voor de rest van zijn verhaal.

Gijs heeft plotseling geen moeite om over haar te vertellen

“Ze is echt heel… uhm hoe zal ik het zeggen… uhm uhm….” Gijs zoekt lang naar zijn vervolgwoorden. 
“Misschien helpt het om bij de feiten te beginnen, zoals haar leeftijd, in welke klas, haar resultaten en achtergrond enzovoorts, dan komt de rest vast vanzelf.” Gijs kan daar iets mee en begint te vertellen over in welke vakken ze goed is en in welke vakken niet. Dat ze vriendinnen heeft. Dat ze thuis de oudste is. Ze wordt best streng en traditioneel opgevoed. Gijs heeft plotseling geen moeite om over haar te vertellen en de blosjes trekken weer weg. 

“Ze is zo grensoverschrijdend”
“Waar wil je hulp bij Gijs?” vraag ik hem uiteindelijk.
“Nou Katrín, ze is zo grensoverschrijdend” zegt hij met een zucht. En zijn hele gezicht krijgt een kleur. 
“Op welke wijze is ze dat volgens jou Gijs?”
Het wordt stil.
“Uhmmm… uhhhhm… seksueel gezien” fluistert hij nauwelijks hoorbaar.
“Richting haar klasgenoten?”

Wat als ze dat bij een ander doet, die er wel op in gaat?
“Nee, richting mij. Ze vliegt mij om mijn nek of probeert op mijn schoot te komen zitten, ze pakt mijn hand of arm. Ze raakt mij aan en ik word er zo ongemakkelijk van, waardoor het natuurlijk alleen maar erger wordt. Wat moet ik nou? Hoe stopt dit? Ik heb het wel geprobeerd duidelijk te maken en ze is ook erg uitdagend gekleed, maar dat ze zich zo op mij werpt. En ik kan haar natuurlijk ook niet zo van mij afduwen, want straks wordt dat als een aanraking gezien en ja dan… Ik schaam mij er gewoon voor en word er heel naar van. En wat als ze dat bij een ander doet, die er wel op in gaat? Pfff zo lastig.” 

Soms scheel je nog geen zes jaar met een leerling
Zijn dilemma wordt akelig duidelijk en dat het moet stoppen helemaal. Soms scheel je als kersverse leraar of een leraar die stage loopt, nog geen zes jaar met de leerling. Het liefst wil hij haar gedrag samen met haar ouders bespreken, want hij maakt zich ook erg veel zorgen over de gevolgen van dit gedrag wanneer ze het ook buiten school laat zien. 

Seksueel uitdagend gedrag
Ondertussen geeft hij aan dat ze echt streng wordt opgevoed, heel strikt. Er is volgens hem geen sprake van geweld. Maar hij wil haar niet in de problemen brengen wanneer hij zegt dat ze seksueel uitdagend gedrag laat zien. “Kan ik dat überhaupt wel zeggen, wat moet ik dan zeggen en hoe ga ik dat gesprek aan? Hoe zeg ik het zonder dat het escaleert?” Gijs zit letterlijk met zijn handen in zijn haar. 

Hoe stelt hij duidelijke grenzen?
Samen met de trainingsacteur gaat Gijs aan de slag. We zitten in een klein groepje op school en gaan het gesprek oefenen, zodat Gijs handvatten krijgt hoe hij het gesprek, zowel met het meisje als met haar ouders, kan aangaan. Hoe stelt hij duidelijke grenzen richting het meisje en hoe kan hij zijn zorg bij haar en haar ouders uiten, zonder dat het escaleert of verkeerd wordt opgevat? 

Samen met de trainingsacteurs helpen we hem
Gijs oefent en oefent. Het worden verhitte oefensessies. Gijs is rood tot het bot terwijl hij de juiste toon en woorden probeert te vinden. Het zijn woorden die hij lastig over zijn lippen krijgt, hij draait er omheen waardoor er juist ruimte ontstaat voor miscommunicatie. Want wat je niet zegt, gaat een ander invullen en dat is dan vaak nog erger dan de feiten.

We lachen heel wat af
Het gaat steeds beter. Gijs krijgt meer controle over het gesprek en heeft minder blosjes op zijn wangen. Tussendoor lachen we heel wat af, zodat er ook ruimte is om adem te halen en even de spanning er vanaf te gooien. Samen met de trainingsacteurs helpen we hem en ondertussen oefent hij verschillende scenario’s hoe ouders kunnen reageren of hun dochter, zodat Gijs goed voorbereid het gesprek kan aangaan. Ook wanneer het gesprek onverhoopt wel escaleert. 

“Ho wacht eens even, maar zo gaan we niet met elkaar om”
Tijdens het uitspelen van één scenario komt er een nietsvermoedende collega-docent binnenlopen. Hij excuseert zich dat hij zijn spullen heeft laten liggen en het gesprek verstoort. “Ik doe het heel snel, sorry.” Hij sluipt naar de plek waar zijn tas en jas liggen. Zijn pas vertraagt en hij lijkt zijn oren te spitsen. Het oefenen gaat er ook verhit aan toe, de acteurs maken het Gijs, zoals afgesproken, even lastig. Langzaam pakt de collega-docent zijn spullen op en loopt weer terug langs onze oefensessie. Gijs is midden in het gesprek, de spanning loopt op, want de ouders (acteurs) zijn niet blij met zijn boodschap. De collega-docent draait zich om en zegt tegen de ouders: “Ho wacht eens even, maar zo gaan we niet met elkaar om, we tonen respect naar elkaar. Al ben je het niet met elkaar eens, we tonen wel respect” zegt hij ferm en streng.

Het wordt stil.

We zijn aan het oefenen
Langzaam ontstaat er op onze geschrokken en verbaasde gezichten een enorme glimlach. De collega-docent kijkt ons nog stuurs aan. “We zijn aan het oefenen” zegt Gijs, zijn lach inhoudend. De collega-docent slaakt een zucht van verlichting en zegt: “Jeetje Gijs, ik dacht al en je collega’s hier laten je vallen als een baksteen, ze kijken alleen maar toe hoe jij je stinkende best doet om die boze ouders te hanteren. Zo knap van je… echt. Maar ik dacht als zij niet ingrijpen dan doe ik het wel.” 

Het oefenen heeft echt geholpen
Super mooi om te zien, de collegialiteit onderling. Precies wat Gijs nodig had. Vertrouwen, steun en complimenten dat hij goed bezig is. Je hoeft het niet alleen te doen en dat deed hij dan ook niet. Hij nodigde een collega bij het oudergesprek uit. Het vooroverleg met de leerling ging goed, ze zag er tegenop, maar begreep uiteindelijk wel dat het vanuit zorg werd gedaan. Zij kreeg een aantal gesprekken over seksualiteit, signalen die je uitzendt bewust of onbewust en ze had een vast iemand met wie zij kon praten. Gijs was opgelucht na het oudergesprek. “Het oefenen heeft echt geholpen, ik voelde me zeker en wist beter met welke woordkeuze ik mijn boodschap kon overbrengen.” 

De juf die geen juf is
Vind je het leuk om mijn verhalen te lezen? Bestel dan hier mijn boek ‘De juf die geen juf is’ en lees de verborgen verhalen van 28 jongeren die ik heb mogen begeleiden in het onderwijs.  

0 thoughts on “Wanneer de grens tussen leraar en leerling wordt overschreden”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: