Medicatie was de voorwaarde voor plaatsing op deze school

Onmogelijk om het niet te zien, maar jeetje wat een spieren. Terwijl ik de 15-jarige Kai verwelkom, neemt de gespierde massa tegenover mij plaats. Mijn ogen voelen en registeren van alles. Hij is onrustig en wiebelt enorm op de stoel. Zijn gelaat is bleek en wit. Hij ziet er vermoeid uit, uitgeput zelfs. Zijn ogen staan dof. Zijn sprieterige haar plakt deels op zijn hoofd. De doordringende geur van puberzweet bereikt mijn neus. Heel normaal overigens die geur door al die hormonen, een deo is daar gewoon niet tegen opgewassen. 

Een schooldag zit vol prikkels
We lachen, omdat het na de zogenaamde beleefdheden even stilvalt. “Ben je moe?” vraag ik hem. Hij vertelt dat hij slecht slaapt en dat hij gewoon zo aan het einde van de dag geen zin meer heeft. Lachend zeg ik dat ik het wel een beetje herken, een schooldag geeft ook zoveel indrukken en prikkels dat je soms aan het einde van de dag echt moe kan zijn. Ik ook.

Een staccatogesprek
Kai heeft ADHD en dat is goed te merken in zijn fysieke onrust, het gewiebel en het gefriemel. Op school wil het niet zo lukken en thuis gaat het niet zo goed, ondanks de medicatie die hij al tijden slikt. 
“Ik heb gehoord dat je medicatie slikt…”  
Kai knikt. 
“Slik je het al lang?”
“Best” 
“Vind je dat het goed werkt?” 
“Mwa” 

We hebben een, zoals ik het noem, staccatogesprek. Hakketak. Maar we komen wel ergens. 

“Ik flikker ze het raam uit”
“Nee” mompelt hij uiteindelijk. “Eerlijk juf, ik flikker ze het raam uit ’s ochtends.”
“Neeee… echt?!” roep ik oprecht verbaasd. 
Wat een schatje toch dat hij het gewoon zegt, gaat het door mij heen. En het is fijn om te merken dat het gesprek dat wij voeren ‘echt’ is. Tijdens het eerste gesprek geef ik aan dat ik veel kan doen (helaas niet alles), naast de leerling kan staan, maar als er geen sprake is van eerlijkheid is het lastig om de juiste stappen te bepalen, gesprekken te voeren met ouders en de school en om samen vooruit te komen. Ik wens eerlijkheid, hoe erg, rauw of naar ook, die eerlijkheid krijgen ze ook van mij. Dankbaar dat hij gelijk daarvoor gaat.  

Medicatie is een zegen, maar ook een vloek
We praten over de start van de medicatie en waarom hij is gestopt. Hij is al lang gestopt. Hij doet ongelooflijk zijn best om dit te verbloemen voor school en zijn ouders. Het kost hem tonnen energie. Medicatie is een zegen, maar ook een vloek. “Oké, voordat we verder gaan wil ik iets met je afspreken, geen idee waar je woont en waar je pillen terecht komen wanneer je ze uit het raam sodemietert, maar laten we afspreken dat je de pillen niet uit het raam gooit. Gevaarlijk voor spelende kinderen of dieren snap je?” Hij schrikt, hij had daar helemaal niet bij stil gestaan.

Ook bespreken we dat het goed is wanneer zijn ouders het weten. Op school ligt het een beetje lastig, het was een voorwaarde voor plaatsing. Of dat nou echt legitiem is, hmmm volgens mij niet in verband met de wet op gelijke behandeling. Maar ik begrijp de zoektocht naar haalbaarheid en beheersbaarheid bij de scholen.

“Alsof je een colafles heel hard schudt”
In de volgende gesprekken hebben we het over van alles. Zijn ouders zijn inmiddels op de hoogte dat hij is gestopt met zijn medicatie. De reden dat hij stopte was omdat hij zichzelf niet meer herkende; hij werd somber, viel ongelooflijk af (inclusief zijn zorgvuldig getrainde spieren) had geen eetlust en sliep steeds slechter. Kai vertelt dat hij begon te twijfelen aan wie hij was, wat kwam door de medicatie en wat door hemzelf? Pittig als je 15 bent. Terwijl hij vertelt, rilt hij: ”Het is gewoon niet fijn, alsof je een colafles heel hard schudt en de dop erop hebt zitten. Het komt er niet uit, maar het is er wel.” Ik begrijp gelijk wat hij bedoelt en voel het zelfs. Wat zegt hij dat goed. Hij vertelt over hoe de mensen op hem reageren. “Zo’n fles die je dus maar even links laat liggen, omdat je denkt zodra ik die open dan gaat het alle kanten op.” Ai…ai…zo voelbaar.

Ergens waar hij echt goed in was
Er blijkt nog een reden voor Kai te zijn om te stoppen met zijn pillen. Hij deed aan wedstrijdsport op een hoog niveau, een vechtsport. Ah vandaar die enorme spieren… afgetraind… ooit. Getalenteerd en gerespecteerd. Ergens waar hij echt goed in was, prijzen mee won, zijn talenten kon inzetten. Met deze medicatie mag hij niet meer officieel aan wedstrijden meedoen. 

“Nee juf, ik sta op de zwarte lijst”
Zijn ogen beginnen te glimmen: “Juf ik wil zo graag weer aan wedstrijden meedoen, zoals vroeger. Voordat alles zo misging. Met medicatie gaat dat echt niet. Ik zal de controle moeten vinden over mijzelf, zonder medicatie.” “Sport je nog, zonder de wedstrijden dan?” vraag ik Kai. 
“Nee juf, ik sta op een zwarte lijst, maar thuis probeer ik een beetje te trainen.”  

Dit is nog maar het begin van het verhaal van Kai, pittig als je 15 bent vind je ook niet? Kai komt zeker terug in één van mijn volgende blogs. Wat ik van hem leerde, wat ik voor hem hoopte en de successen van onze samenwerking in volle eerlijkheid. Dankbaar voor alle mensen die jongeren kansen gunnen en vooral kansen creëren. 

Wil je meer verhalen lezen?
Bestel dan mijn boek www.dejufdiegeenjufis. Je kunt het boek ook cadeau geven en een opdracht toevoegen voor de ontvanger, kijk naar de bestelmogelijkheden op de website.  

2 thoughts on “Medicatie was de voorwaarde voor plaatsing op deze school”
  1. Jeetje wat vreselijk voor deze jongen en gelukkig dat hij zo open is naar jou. Hopelijk vindt hij zijn weg. Wat een lieverd.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: