De laatste week voor mij versnipperde zomervakantie is het een gekkenhuis op de polikliniek in het ziekenhuis. Mijn twee collega’s zijn al met vakantie en als ik volgende week een weekje ga kamperen in de Ardennen is er even geen verpleegkundige ondersteuning. Omdat ook een deel van de artsen op vakantie is, wordt er een extra beroep gedaan op mij. Dat is een goede oefening om ‘nee’ te zeggen. Niet mijn beste eigenschap. Maar om alles binnen redelijke uren weg te werken is het nu een bittere noodzaak.
Telefoontjes van over de hele wereld
In de zomerperiode zou je denken dat er ook veel patiënten op vakantie zijn, dat is ook zo. Echter, de klachten bij een chronische darmontsteking (IBD = Inflammatory Bowel Disease) kunnen opkomen als poepen, en dan letterlijk. Met nare klachten, het is een onvoorspelbare aandoening. Bovendien is er vaak voorafgaand aan de vakantie juist een periode van stress. Ik weet hoe dit werkt. Bij deze mensen met IBD is dat een trigger voor een opvlamming van de ziekte. Er komen tegenwoordig tijdens mijn spreekuur telefoontjes en mailtjes van over de hele wereld.
Niet gek laten maken
Ik heb mij dit jaar voorgenomen om mij niet te laten opjutten of gek maken. Ik doe wat ik te doen heb én waarvan ik vind dat dat voor gaat, patiëntenzorg. Dan maar langer doorwerken en overuren maken. Zoals je wel weet neemt de administratie in de zorg ook een mega veel tijd in beslag. Ik maak de keuze om goed, zorgvuldig en met aandacht voor de mensen in mijn praktijk te gaan. Wat ik merk, is dat dit ook een rustgevende weerslag heeft op de mensen die bellen van hun vakantieadres met klachten, vaak door andere eetgewoontes, vreemd voedsel, een tekort aan medicatie, weigerende injecties, een ontsteking aan handen of ergens ingetrapt, er komt van alles voorbij. Ik vind het een heerlijke uitdaging om deze mensen met een zo eenvoudig mogelijke oplossing weer te laten genieten.
Iedereen tevreden en gerustgesteld
Aan het eind van drie lange werkdagen neem ik de administratie mee naar huis. Eerst een lekkere salade nuttigen, met van alles wat er nog in de koelkast ligt, ik ga immers overmorgen zelf op vakantie. Roma-salade met restje spekjes, druiven, avocado, pekannoten en een sausje van half truffelmayo en magere yoghurt. Dan zet ik mijn laptop aan, log in en werk de laatste dingen weg. Ik heb een intens voldaan gevoel; alle berichten, mailboxen en vragen zijn weg voor nu. Tot op dit moment is iedereen tevreden en gerustgesteld of er is een onderzoek ingezet en waarvan hij of zij volgende week de uitslag krijgt. Moe en voldaan ga ik naar bed.
Doe iets ontspannends
Maar de slaap wil niet komen. Wat zeg ik ook altijd tegen mensen die niet kunnen slapen? Niet te lang doorwerken, minstens twee uur voor je gaat slapen stoppen… Niet dus. Doe iets ontspannends… Ik pak mijn verhalenbundeltje van Toon Tellegen met de toepasselijke titel ‘Het komt goed’. Na twee korte verhaaltjes over muis en mier zit ik met een dikke grijns op mijn gezicht in bed. Nog ééntje dan om het af te leren, over olifant, die weer eens in de hoogste boom klimt. Wat geniet ik hier toch altijd van. Ken jij de dieren verhaaltjes van Toon? Zo niet, schaf zo’n klein bundeltje aan, voor ik dacht tien euro, makkelijk in je handbagage. Om te ont-stressen wanneer je vertraging hebt, in de file komt.

En dan morgen inpakken en wegwezen, ik kan met een gerust hart naar de Ardennen. Het is maar een weekje dat ik weg ben, dat komt goed. Ik laat het werk los en mijzelf vrij.






