Juf, gelooft u in God?

Zouhair is 14 jaar en hij neemt tegenover mij plaats. Ik zie een nette jongen. Zijn ogen staan moe, maar strijdvaardig. “Ik weet waarom ik hier zit” zegt hij terwijl hij mij strak aankijkt. “Vertel” nodig ik hem uit, al weet ik het een beetje. Ik wil het toch graag van hem horen. “U moet mij overhalen voor de operatie… of eigenlijk zorgen dat ik het durf.” Ik ben stil, zijn woorden komen binnen. Ik weet van de hartoperatie maar toch…

Ik ben geen arts 
Het is niet aan mij om hem over te halen of om zijn angst te kunnen wegnemen. Wel is dat de wens van zijn ouders. Het voelt als een zware opdracht. Ik vertel het hem eerlijk. “Ik ben geen arts” ga ik verder “…en ik weet niet de risico’s of de consequenties van jouw operatie. Wel kan ik er voor je zijn en luisteren naar jouw afwegingen en angsten, naar je wensen en dromen. Samen kijken en heel misschien weet jij dan wat te doen.”  
Hij knikt en lijkt opgelucht. 

Schoolse zaken
Op school gaat het goed. “Mooie cijfers heb je en altijd op tijd en geen verzuim…” “Behalve wanneer ik naar de cardioloog moet” zegt hij snel.
“… dat is logisch toch?” Hij knikt. 

Het leven knalt eruit
“Wil je iets vertellen over de operatie?” Zouhair vertelt over zijn angsten en zijn zorgen. Het zijn kleine alledaagse zorgen en levensbedreigende grote zorgen en alles wat daar tussen zit. Het is niet zijn eerste hartoperatie. 
“Maar deze keer voelt het anders” zegt hij zacht. “Ik ben veel banger dan de vorige keer en ik wil nog zoveel.” Zijn stem neemt in kracht toe: “Ik ben nog niet klaar. Ik wil nog zo veel” benadrukt hij nogmaals. Bij de laatste woorden knalt het leven eruit, zijn levenslust vlamt op. Dit is Zouhair, dit is zijn kracht, zijn eigenlijke energie.

“Ik wil mijn ouders nog troosten”
Hij praat over zijn ouders: “Ze maken zich zoveel zorgen, ze proberen het te verbergen, maar ik zie het in alles. Ik wil ze nog even meer zien, bij ze zijn. Ik wil er voor ze zijn, ze nog troosten en geruststellen.” 

Kon ik maar toveren
“Ben je bang dat je niet uit de operatie komt?” vraag ik hem voorzichtig. De woorden die in de lucht hangen landen tussen ons in. “Ik denk dat ik het weet” fluistert hij. We zijn stil. Ik zie zijn verdriet, zijn angst én zijn kracht. 
“Ik zou je zo graag willen zeggen en kunnen beloven dat alles goed komt, maar dat kan ik niet. Kon ik maar toveren…” zeg ik terwijl ik mijn verdriet die ik voel probeer in te perken. Het gaat om hem, niet om mij, zegt een stemmetje in mijn hoofd. 

Leven na de dood
“Juf, gelooft u in God?” “Oei, een tikkeltje lastige vraag Zouhair” zeg ik terwijl ik glimlachend verder ga. “Ooit geloofde ik in God en nu geloof ik nog steeds wel, maar eerder in ‘iets’, niet zozeer in het beeld van de witte man met baard.” Het is altijd wat lastig binnen de school om te praten over geloof; binnen veel geloven lijkt er weinig ruimte voor anders. Maar met pubers daarentegen kan het erg interessant zijn om gedachten en ideeën rondom geloof uit te wisselen binnen bepaalde grenzen. 

“Gelooft u dat er iets is na de dood?” “Ja, dat vind ik een fijn idee, dat het niet ophoudt en zelfs misschien wel dat je terugkomt na de dood. Soms – wanneer ik iemand ontmoet voor de eerste keer en het voelt alsof ik degene al jaren ken – denk ik: Ah vast uit een vorig leven” zeg ik met een knipoog. 

We verliezen de tijd en precies dát is goed
Ik weet dat het raar klinkt en dat zeg ik hem. “Niemand weet exact wat er na de dood gebeurt, maar soms helpt het om dat te geloven wat voor jou goed voelt en rust brengt. Ik kies ervoor om te geloven dat we weer terugkomen, dat geeft mij rust wanneer de dood in mijn buurt komt. Of het nou klopt of niet, ik kies er voor.” 

We praten verder over zijn geloof en ideeën. Hoewel zijn kansen zoveel groter zijn om te leven, ligt zijn angst en verwachting vooral in de dood. 
We verliezen de tijd en precies dát is goed.

Als een zware deken drukken de zorgen op iedereen
Ik kom bij hem thuis en na veel telefonisch contact ontmoet ik zijn ouders en familie. De zorgen voelen zwaar, als een zware deken drukken ze op iedereen. “Waarom mag hij kiezen? De operatie is noodzakelijk” zegt zijn moeder. “Ik begrijp het echt niet” gaat zijn moeder wanhopig verder. Ik leg zijn ouders uit wat zij al weten: ‘de behandelkeuze’ en het recht van een kind boven de 12 jaar. Ze begrijpt het wel, maar ze is het er niet mee eens.

In een paar weken zie ik de ouders veranderen. Zijn moeder smeekt mij om nog meer met hem te praten, hem te overtuigen. Ik leg zijn angsten en wensen uit en dat alleen de artsen hem kunnen informeren over de feitelijke risico’s die hij loopt. “Het kost tijd” zeg ik “Ja” zegt zijn moeder “tijd die hij misschien niet meer heeft” zucht zij angstig en moedeloos. Ik leg een arm om haar heen. 

Afscheid
“Juf, ik ben er klaar voor” zegt Zouhair vastberaden terwijl hij de deur naar mijn kamertje opendoet. Hij ziet er rustig uit, een soort berusting ligt er over hem heen. Over 3 dagen is het zover.  Vandaag, donderdag, nemen wij afscheid. “Ohhh al het geluk Zouhair, ik zal zo aan je denken en al het goeds naar je toesturen” zeg ik mijn tranen wegslikkend. “En sterkte met je herstel hè?!” voeg ik er hoopvol achteraan, maar de woorden komen er minder overtuigd uit dan dat ik wil. ‘Ai’ gaat het in mijn hoofd. Hij heeft met zoveel overtuiging gesproken over de dood dat het stiekem voelt als een afscheid. 

Hij lacht en zegt: “Het geeft niets, mijn gevoel is hetzelfde. Ik wil nog steeds leven, maar ik heb gedaan wat ik wilde. Ik heb iedereen bewust gezien die ik nog wilde zien. Het is klaar.” Ik weet niet zo goed wat ik moet zeggen. Hij bedankt mij voor alle gesprekken en voor het bij hem thuis komen om met de familie te praten en ze te steunen. Hij zegt: “Het heeft mij gesterkt, ook in mijn geloof. Ik heb gekozen en dat geeft mij rust.” Zo jong en zo wijs. 

Complicaties
Er zijn complicaties. Zouhair wordt nooit meer wakker. Het protocol ‘Plotselinge dood van een leerling’ gaat in werking. Ik praat met leerlingen, zijn vrienden, zijn docenten en tussendoor rouw ik zelf en huil ik mijn eigen verdriet. Er komt een grote foto van hem in een speciale ruimte waar hij kan worden herdacht. 

Lieve Zouhair
Niemand zag het aankomen, alleen jij. En ik een beetje door jouw zorgen. 
Je was er klaar voor, maar niet klaar met het leven. Zonder dat jouw familie en vrienden het wisten, heb jij voor iedereen de tijd genomen om afscheid te nemen, met aandacht loslaten. Lieve Zouhair, ik wens dat je daar bent, waar je wilde zijn na de dood… 

4 thoughts on “Juf, gelooft u in God?”
  1. Jeetje Karin, wat aangrijpend. En wat prachtig en fijn dat je dit met ons allemaal hebt willen delen. Het is heel helpend, hopelijk ook voor jouzelf. Het geeft een beetje inkijk hoe het is, was, voor Zouhair en voor zijn ouders en familie. Hoe in twee-strijd het leven kan zijn en voelen en hoe goed Zouhair al heeft aangevoeld dat het dit keer anders was. Waarschijnlijk ook voelden de ouders dat al, alleen was de acceptatie en berusting er niet, omdat de paniek te groot was. Loslaten is zo niet gemakkelijk…..

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: