Het huis waar ik opgroeide

Ik heb op verschillende plekken in Nederland gewoond en ben eens gaan terugdenken aan al die adressen vanaf mijn geboorte. Hoe ik op dit idee kom? Eigenlijk door een vraag van Marije bij de maandschrijfopdracht: Wat is jouw huizenrijtje? En het blog dat ze hierover publiceerde. Een leuke opdracht leek het mij, dus maar eens gaan graven in die grijze massa. Kan ik het me nog herinneren door visualisatie of is het te ver weggezakt? Laat ik eens een poging wagen.

Huizenrijtje:

  1. Hillegom
  2. Apeldoorn
  3. Nijmegen
  4. Soest
  5. Amsterdam
  6. Amstelveen

Ons huis in Hillegom
In het huis op het tweede adres in Hillegom heb ik 13 jaar gewoond. We waren daarnaartoe verhuisd omdat het oude huis afgebroken zou worden in verband met de aanleg van een weg. Jammer, want dan konden wij ook geen koekkruimels meer halen op woensdagmiddag bij de warme bakker naast ons. Dat vonden wij als kind belangrijker dan een ander huis.

Wij woonden op nummer 6
Maar goed, we gingen dus verhuizen naar een nieuw huis. Het stond in een straatje met acht huizen. Vier aan de ene kant en vier aan de andere kant. Wij woonden op nummer 6. Het waren kleine eengezinswoningen met een tuintje voor en een grote, langwerpige tuin achter. De huizen waren in die tijd niet zo breed. Dat was in de jaren vijftig. Wat meteen al opviel was de hoge opstap om bij de voordeur te komen. Die opstap zat ook aan de achterkant en we zijn er regelmatig vanaf gevallen. Ik was pas zes jaar toen wij daar kwamen wonen.

Elke vrijdag in de boenwas
Als je binnenkwam zaten er rechts twee deuren. De eerste ging naar een soort voorkamer waar we eigenlijk nooit mochten komen. De tweede deur ging naar de woonkamer. Tussen de twee kamers zat een glazen wand met kleine ruitjes. In de woonkamer stond in het midden een grote tafel met pluchen tafelkleed en zes stoelen. Centrale verwarming was er niet. Er stond een kolenkachel met micaruitjes die soms schoongemaakt moesten worden omdat ze helemaal zwart waren. Ook kwam er overal een grijze aanslag op te zitten. Dat herinner ik me omdat het schilderij dat boven de schoorsteen hing een grijze waas had. Op de vloer lag zeil dat ik elke week op vrijdag in de boenwas moest zetten als ik uit school kwam. Ook de stoelen en tafel moest ik doen. Voor de ramen hingen dikke velours gordijnen. Die vond ik stinken.

Een opklapbed
De keuken was ook niet echt groot. Geen koelkast of andere luxe apparatuur. De gootsteen was van graniet. Boven waren drie slaapkamers; één voor mijn ouders en mijn zusje, één voor de vier jongens die in twee tweepersoonsbedden sliepen met zijn vieren en ik had een klein kamertje alleen met een opklapbed. Het gordijn dat ervoor hing was bruin en ik vond dat die ook vies rook. Verder stond er een klein tafeltje met stoel dat dienst deed als bureau.

Een douche was er niet. Wel een wastafel, maar dat was alles. Op de vliering was ook een behoorlijke ruimte, maar die stond vol troep. Later werd daar een slaapplek gemaakt voor een van mijn broers.

Wassen in de teil met een wringer
In de tuin was een schuurtje dat voor het grootste gedeelte bestond uit een kolenhok waar je altijd zwart vandaan kwam als je de kolenkit moest vullen. Achter het schuurtje was een plek waar de was opgehangen kon worden. Mijn moeder waste zoveel mogelijk buiten in de teil met daarop een wringer. De rest van de tuin was met gras en bloemen. Wij mochten niet op het gras spelen, maar wel op de tegels. Waarom dat zo was weet ik eigenlijk niet. Achter in de tuin zat een klein hekje dat we altijd moesten controleren omdat mijn zusje nogal eens wegliep.

Weinig tot geen luxe
In de woonkamer stond ook nog een bank. Niet echt comfortabel, wel functioneel. Onder de zitting zaten schuifdeurtjes waar troep in opgeborgen werd, althans in mijn herinnering was dat zo. We hadden alleen een radio. Televisie keken we op woensdagmiddag aan de overkant bij een lieve mevrouw. Er was weinig tot geen luxe. Wel werd na verloop van een aantal jaren de glazen tussenwand weggehaald waardoor er toch meer ruimte kwam.

Net alsof je jeugd is weggevaagd
Ik herinner me eigenlijk een veel te klein huis voor een gezin met zes kinderen. Maar je wist niet beter. Er zijn geen foto’s waarop je het huis goed kunt zien. Er werden weinig foto’s gemaakt in die tijd en bovendien waren ze zwart-wit. Tijdens een familiereunie zijn we er nog eens langs gelopen. Nu staat het huis er niet meer, net alsof je jeugd is weggevaagd.

2 thoughts on “Het huis waar ik opgroeide”
    1. Gertie het bijzondere was dat ik het visualiseerde en dan komt er heel veel boven.. Zelfs van het huis daarvoor weet ik details terwijl ik toen pas 4 of 5 jaar oud was. Dat komt ook door een nare gebeurtenis en dan zie je het voor je.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

%d bloggers liken dit: