De elfenfluisteraar

In vadersland is het een hele andere wereld, een wereld waar dood een nieuw begin is en een begin de nieuwsgierigheid naar het einde doet aanzwengelen, op een positieve manier dan… Tenminste in mijn familie. Gedreven door melancholische liederen van eeuwenoude saga’s, geloof in het leven na de dood en vooral dat niets vaststaat in het leven óf in de dood. Zo is alles mogelijk. In vadersland is het een hele andere wereld, een wereld waar elfjes bestaan. Mystiek en een vleugje magie. 
 
Hulp van de elfenfluisteraars
Wanneer je drie keer klopt op een rots, dan kan het zomaar gebeuren dat je het verstopte volk, het Huldufólk, oproept. Nou ja niet zomaar een rots, maar een elfenrots. Vraag je je nu af of het echt zo is? Ja echt, zeker weten. Wanneer de bouw, van wegen of huizen niet goed verloopt of wanneer er een bepaald rotsblok in de weg staat, dan wordt de hulp ingeroepen van de elfenfluisteraars. Hele wegen worden er voor omgelegd, als de elfen na bemiddeling door de elfenfluisteraar toch niet gewillig zijn om te verhuizen. Tja, de wil van de elfen is in IJsland nog steeds wet. Meer dan de helft van de IJslanders geloofd dat er een kans is dat elfjes bestaan. De overheid neemt het elfenvolk dan ook bloedserieus. 

Magische herinneringen

“Durf jij schatje?” vraagt mijn vader terwijl we voor een groot rotsblok in een lavaveld staan. “Of zal ik maar kloppen? Dan houden we samen onze ogen dicht…” stelt mijn vader bloedserieus voor. Wanneer ik klop dan is dat alleen de tweede klop, voor de eerste en de laatste ben ik niet dapper genoeg. Dus ik knik dat hij beter maar kan kloppen. Ik voel en hoor mijn hart al sneller gaan, alleen al het idee dat we dit weer gaan proberen. 

Gluren tussen onze wimpers
Mijn vader knijpt zijn ogen stevig dicht, snel doe ik dat ook. Mijn hand houdt zijn mouw vast, zodat ik met mijn ogen dicht niet verdwaal. “Wacht” onderbreek ik zijn voorbereiding “…doen we onze ogen open bij drie of helemaal niet?” wil ik nog even voor de zekerheid weten. “Ik denk dat we het beste tussen onze wimpers kunnen gluren of ze er zijn.” Dat lijkt mij ook een beter plan. 

Vandaag maar niet
Met zijn andere hand klopt hij op de steen terwijl hij hardop meetelt.  
“Eén… Twee…”
De spanning stijgt. Ik voel het nu ook in mijn buik. 
“Ahhhhh… nee… vandaag misschien toch maar niet” zegt mijn vader aarzelend en verontschuldigend. 
Opgelucht haken we na de tweede klop wederom af.
“Volgende keer Katrín of wil je toch nu…?” 
“Volgende keer….” zeg ik snel. 
Ik haal weer adem.  

Er gaan verhalen rond
Aan de ene kant zoooo nieuwsgierig, maar die risico’s van het onbekende dat is zo heel spannend. Je weet het niet, is er een weg terug als je ze eenmaal hebt gezien? Misschien ben je voor altijd één van hun of misschien wel versteend. Alles kan, er gaan verhalen rond… 

De derde klop

Alleen in een donkere melancholische niets-te-verliezen-bui van mijn vader kloppen wij, tenminste hij, voor een derde keer. Glurend tussen onze wimpers door, met handen voor onze ogen, zodat we onze blik snel kunnen afwenden wanneer het nodig is. Oh de spanning kan ik nog oproepen en voelen.
 
Soms dacht mijn vader ze weg te zien glippen. Hij zag altijd al meer dan ik. “Wanneer je er open voor staat,” zei mijn IJslandse oma “dan kan ook jij het volk en de overledenen zien Katrín, komt vanzelf wel.” 

Respect voor de elfen
Soms waren de elfen, na de derde klop, zo traag met reageren en was er geen tijd meer om te wachten op hun komst. Vol schuldgevoel over onze gehaastheid slopen wij ons al verontschuldigend respectvol achterwaarts weg van de rots. Met een diepe buiging namen wij afscheid van de elfen die we niet hadden gezien. Zoals Björk (Ijslandse zangeres) ooit antwoordde tijdens een interview toen haar gevraagd werd of mensen in haar land in elfen geloven: ‘Natuurlijk, het is een soort relatie met de natuur, met de rotsen. Elfen leven in rotsen, dus moet je er wel in geloven. Het gaat om respect.’ 

De elfensteen
In Reykjavik staat ergens tussen de huizen ook een elfensteen, er is omheen gebouwd. Vroeger stond er een bordje bij, zodat een verdwaalde toerist daar niet bovenop ging staan en het elfenvolk zou verstoren. Inmiddels is het bordje weggehaald, de steen trok juist zoveel toeristen aan dat de omwonenden bang waren het elfenvolk te verstoren. Ik ga er altijd toch even langs.

Ik ben vijf, ik ben zes, ik ben zeven, ik ben tien, ik ben 20, ik ben 47 en klop op een rotsblok… twee keer.

Het boek: ‘Elfjes bestaan’
Er is een prachtig kinderboek uitgekomen: ‘Elfjes bestaan’ van Marije van den Bovenkamp. Het bracht mij weer terug naar mijn IJslandse roots met elfenrotsen en fluisteraars. 

“Soms gebeuren er dingen in het leven, waaruit men zich niet goed kan redden, als men niet een beetje gek is. – Il arrive quelquefois des accidents dans la vie, d’où il faut être un peu fou pour se tirer ben.”

La Rochefoucauld

Wil je meer foto’s zien van IJsland? Dat kan via deze link: www.droomdurfdoe.nl/inspiratie

6 thoughts on “De elfenfluisteraar”
    1. ….en zo terecht Willy! Ik zou zeggen: zodra het kan dompel je onder in de magische wereld van IJsland. Niet alleen elfen, maar je kan ook versteende trollen vinden op de bergtoppen. De kracht van de natuur voelen en ook zo mooi de verbinding voelen, onderdeel zijn van iets zoveel groters dan de mens.

  1. Oh Katrin wat heerlijk magisch. En wat een prachtig moment met je vader. Wat is dat toch machtig mooi dat een boek over ‘Elfjes bestaan’ jouw herinneringen aan vroeger weer doet herleven.

    1. Ja Joke dat is zo leuk aan verhalen, schrijven en boeken. Het brengt je naar werelden die je niet kent, maar ook naar herinneringen uit een ver verleden (hoewel hahaha ik heb nog staan kloppen met mijn vader op mijn 42ste).

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: