Wat is frustratie in het Chinees?

In 2020 gaf ik lessen Nederlands aan inburgeraars, als NT2-docent in opleiding. NT2 staat voor Nederlands als tweede taal. Deze nieuwkomers in Nederland moeten binnen drie jaar hun inburgerings­examen doen. Ik heb mijn cursisten zien worstelen met onze taal. Vaak voelde ik me als docent met lege handen staan; ik wilde ze zo graag helpen – maar hoe? 

Daarom leer ik nu Mandarijn-Chinees. Ik wil ervaren wat mijn NT2-cursisten meemaken als ze een wildvreemde taal moeten leren. En ik hoop dat NT2-docenten en -cursisten iets hebben aan mijn ervaringen en tips. 

Twee woorden per week
Op de digitale flashcards van mijn app staat aan de ene kant een vraag en aan de andere kant het antwoord: Welk Chinees woord hoort bij dit plaatje? Hoe spreek je deze klank uit? Enzovoort. Na een week ken ik precies twee Chinese woorden. In de tweede week gaat het niet veel beter.

Wennen aan de klanken
Veel Chinese klanken zijn nieuw. Ik moet het verschil leren horen tussen de Nederlandse en de Chinese uitspraak van de ‘ao’, de ‘uo’ en de ‘ua’; ook de ‘h’, ‘x’ en ‘r’ klinken anders in het Chinees. En dan hebben we het nog niet over al die verschillende sj–,  tsj-, tsz- en tj- klanken. 

Auditieve discriminatie
Auditieve discriminatie heette dat op de opleiding – ik heb het altijd een vreselijke term gevonden. Maar nodig is het wel, daarvan ben ik overtuigd: als je het verschil tussen de ‘p’ en de ‘b’ niet kunt horen, kun je de ‘p’ en de ‘b’ ook niet goed uitspreken of schrijven.

Vijf tonen
Het Mandarijn-Chinees is een toontaal. De betekenis van een woord hangt af van de toonhoogte en de intonatie van de belangrijkste klinker in een lettercombinatie. Er zijn 5 tonen:
– Toon 1 is een hoge, aanhoudende toon
– Toon 2 een stijgende toon
– Toon 3 gaat eerst omlaag en dan omhoog, met een soort hupje (maar niet altijd, soms is hij ook gewoon aanhoudend laag)
– Toon 4 daalt en klinkt een beetje kortaf
– Toon 5 is de neutrale toon; tot nu toe kom ik hem alleen als laatste ‘lettergreep’ tegen. 

Vijf betekenissen
Een lettercombinatie kan dus 5 verschillende betekenissen hebben, afhankelijk van de toon: 
– Toon 1: mā (moeder)
– Toon 2: má (hennep)
– Toon 3: mǎ (paard)
– Toon 4: mà (uitschelden)
– Toon 5: ma (= Chinees voor vraagteken)

Opnieuw leren luisteren
Het kost me grote moeite om al die verschillende klanken, intonaties en toonhoogtes te onder­scheiden. Zonder koptelefoon lukt het al helemaal niet; dan gaan de nuances verloren – en daar gaat het nou juist om. Ik moet helemaal opnieuw leren luisteren. Heerlijk is dat ik een woord desnoods honderd keer achter elkaar kan naluisteren en nazeggen. Ook merk ik dat mijn oren aan het Chinees beginnen te wennen. Dat is fijn. 

Klanken oefenen?
Maar hoe zinvol is het om met NT2-cursisten in de klas klanken te oefenen? Toch alleen als ze ook thuis, met de koptelefoon op, die klanken steeds weer naluisteren? Gebeurt dat? Ik weet het niet. Ik weet alleen dat het voor volwassen taalleerders heel lastig is om de uitspraak goed onder de knie te krijgen. 

Aan mijn hersens heb ik minder dan niets
Zelf word ik wanhopig wanneer ik, flashcard na flashcard, steeds dezelfde fouten maak – ik heb duidelijk een geheugen als een zeef (shāizi, toonpatroon 1,5). Het Chinees biedt me geen enkel aanknopingspunt in mijn eigen taal: elk woord is nieuw, in schrijfwijze en uitspraak, ook al zie ik het tien keer langskomen in de flashcards. Aan mijn hersens heb ik minder dan niets: mijn brein is een dikke brei waarin doelloos wat klonten rondklotsen. 

Wat is hier aan de hand?
In de eerste plaats: overload. Mijn hersens kunnen al die informatie simpelweg niet verwerken: betekenis, plaatje, klank, toon, schrijfwijze in Pinyin en in het IPA (het internationale fonetische alfabet). Dat zijn per woord al 6 kenmerken en dat voor 30 verschillende woorden per keer. Veel te veel. En dan bof ik nog dat ik de Chinese karakters nog niet hoef te leren.

In de tweede plaats: geen overzicht. Mijn digitale flashcards komen en gaan, maar ik kan ze niet terugkijken. Toch wil ik woorden kunnen vergelijken in uitspraak en schrijfwijze. Herkenning geeft mij houvast; ik wil de klank- en uitspraakpatronen van de taal begrijpen. 

In de derde plaats: alleen luisteren en lezen is voor mij niet genoeg. Ik wil de letters voelen en de woorden vormen wanneer ik ze opschrijf. En ik wil aantekeningen maken.

Tijd voor maatregelen
Ik pak een schriftje en schrijf de antwoorden op de vragen eerst zelf op, voordat ik de flashcards omdraai. En ik maak mijn eigen flashcards, gewoon met de hand. De kartonnen kaartjes gaan in een simpel kaartenbakje en ik orden de woorden op toon en tooncombinatie. Achter tabblad 1 staan alle woorden die beginnen met toon 1 en hun combinaties met de 5 tonen van het Chinees: 1, 1-1, 1-2, 1-3, 1-4, 1-5. En zo verder voor de tonen 2, 3 en 4. 

Als ik het woord xīguā (watermeloen, toonpatroon 1,1) leer, dan zoek ik in mijn kaartenbakje de woorden met hetzelfde toonpatroon op. Zo oefen ik de uitspraak en herken ik het patroon. De volgende stap is hopelijk dat ik voor elke variant een voorbeeldwoord weet. Dan kan ik dat als geheugensteuntje gebruiken voor alle woorden met hetzelfde toonpatroon.

Wat leer ik hiervan voor de NT2-cursisten in mijn lessen?
Er vallen veel lessen te leren: over luisteren, aantekeningen maken, verschillende manieren om woorden te onthouden. Eerlijk gezegd schrok ik nog het meeste van mijn eigen volgzaamheid. Als mijn lesmethode zegt dat digitale flashcards voldoende zijn, ben ik geneigd dat stomweg te geloven. Ook als het bij mij niet werkt. Diezelfde volgzaamheid herken ik bij veel van mijn NT2-cursisten. Zelfstandig leren krijgt niet iedereen mee. 

Zelfstandig leren is de basis
Nu vraag ik me af of ik mijn NT2-cursisten wel voldoende op weg heb geholpen met zelfstandig studeren. Heb ik ze laten zien dat het ook anders kan? Waarom heb ik eigenlijk zo vastgehouden aan die voorgeschreven lesmethode? Het is immers simpelweg niet waar dat je een taal leert door je aan een lesmethode te houden, hoe goed die ook is. 

De lesmethode is een middel en geen doel
Ieder mens is anders en ieder leert op een andere manier. Wat gaat er veel kostbare leertijd verloren als je je probeert te voegen in een aanpak die niet bij je past. De lesmethode is een middel en geen doel. Wat zou ik NT2-cursisten graag helpen bij het zoeken naar een leermethode die voor hen werkt. 

Volop frustratie (cuòzhé, toonpatroon 4,2) dus, in de tweede week dat ik Chinees wil leren. Gelukkig leidt frustratie ook tot vindingrijkheid en actie – die les neem ik vandaag ook maar even mee.

5 thoughts on “Wat is frustratie in het Chinees?”
  1. Wat leuk dat je een nieuwe taal gaat leren om zo ook je eigen studenten beter te kunnen begrijpen en helpen! Ik herken de frustratie van toen ik een paar jaar terug begin met Spaans leren. Al die verschillende uitgangen van de werkwoorden. Zo te horen was het nog niks vergeleken met het Chinees. Succes!

    1. Oh superinteressant, Jet. Ik ben ook dol op talen en geef nu Nt2 aan basisschoolleerlingen. Ik ben Japans gaan leren, omdat ik daar naartoe wil op vakantie. Gelukkig veel minder lastig dan het Chinees. Maar ik leer ook daarvan zoveel van het leerproces. Ik gebruik de app Drops, daarmee kun je dagelijks 5 minuten gratis oefenen. Hun consolideermethode vind ik heel goed. Missschien heb jij daar ook wat aan. En je kunt er ook Nederlandse woorden mee leren, misschien een tip voor je studenten?

      1. Leuk, Barbara!

        Japans lijkt me lastig – ik zou eerlijk gezegd niet weten of het lastiger is dan Chinees. Hartstikke goed dat je dit doet; het maakt heel veel duidelijk over het proces dat onze NT2-cursisten doormaken.

        Ja, Drops ken ik, dank je wel voor de tip. Het is lastig om te weten wat je een NT2-cursist moet aanraden, er zijn zoveel apps. En iedereen leert weer anders. Ik gebruik voor Chinees nu een andere app – daar zal ik later nog wel meer over vertellen.

        Succes en een hartelijke groet van Jet.

    2. Dank je wel, Claudia!

      Spaans vond ik ook een leuke taal.

      Tja, elke taal heeft zo zijn voetangels en klemmen, denk ik.
      Ik weet nog dat ik ooit met Russisch begon en bijna afhaakte toen ik het woord поздравляю moest uitspreken. поздравляю betekent letterlijk ‘ik feliciteer’, wij zouden zeggen: Welgefeliciteerd!

      De transcriptie die ik vond is ‘pozdravlyayu’, maar in dit geval wordt de ‘o’ uitgesproken als een ‘ah’; de ‘y’ klinkt als een ‘j’; wij zouden het fonetisch ongeveer schrijven als pahzdravlj’ajoe. Allemachtig.

      Ik vind het altijd heel leuk om de structuur van een vreemde taal te doorgronden, maar ik denk dat ik bij het Mandarijn-Chinees nog wel wat tijd voor nodig heb. Maar dat geeft niet, ik houd van dat gepuzzel.

      Een hartelijke groet van Jet

      1. Wat een mond vol! Wat ik leuk vind aan talen is dat ze verschillend zijn, maar met bepaalde woorden of uitdrukkingen hetzelfde zijn. Zo merkte ik een paar keer dat als iemand een andere taal spreekt en er een woord doorgooit dat niet bestaat in die taal, ik het in eerste instantie niet doorhad omdat ik het herkende van een andere taal. Weet niet of dat met Chinees en Russisch ook zo is, omdat het zo compleet anders is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: